Persbericht schrijven: zo doe je het stap voor stap

Een goed persbericht schrijven begint met één vraag: is dit nieuws? Alleen als je bericht iets vertelt wat nieuw, relevant en interessant is voor de ontvanger, heeft het kans om opgepikt te worden door een redactie. In dit artikel lees je precies hoe je een persbericht schrijft dat werkt, van de opbouw tot de toon.

Zorg eerst dat je bericht écht nieuws is

Redacties krijgen tientallen persberichten per dag binnen. Ze kiezen alleen wat nieuwswaardig is voor hun lezers. Vraag jezelf dus eerlijk af: wat maakt dit bericht interessant voor mensen buiten mijn organisatie? Een nieuwe dienst, een fusie, een opvallend onderzoeksresultaat of een lokale actie kunnen allemaal nieuws zijn. Een interne reorganisatie zonder bredere impact is dat zelden.

Nieuwswaarde zit ook in timing. Een bericht dat aansluit bij een actueel thema of debat heeft meer kans dan iets dat al lang speelt. Stuur je persbericht bij voorkeur op een dinsdag, woensdag of donderdag, vroeg in de ochtend. Maandagen zijn druk, vrijdagen worden minder goed gelezen.

De vijf W’s: de basis van elk persbericht schrijven

Elk goed persbericht geeft in de eerste alinea antwoord op de vijf W’s: Wie, Wat, Waar, Wanneer en Waarom. De lezer, en de redacteur, moet na die eerste alinea al begrijpen waar het over gaat. Dat is geen toeval maar een vaste techniek.

  • Wie is de afzender of de betrokkene?
  • Wat is er precies gebeurd of aangekondigd?
  • Waar speelt dit zich af?
  • Wanneer vindt dit plaats of vond het plaats?
  • Waarom is dit relevant?

Stel: een lokale partij presenteert een plan voor meer groen in de wijk. Dan zet je in de eerste zin: “De ChristenUnie in Zwolle presenteert vrijdag 6 juni een plan om vijftig extra bomen te planten in de Aalanden, om hittestress in de buurt te verminderen.” Dat is alles vijf W’s in één zin.

Schrijf oprolbaar: het belangrijkste eerst

Bij een persbericht schrijf je precies andersom dan bij een verhaal. Je begint met de conclusie en werkt dan af naar de details. Dit heet de omgekeerde piramide. Het grote voordeel is dat een redacteur het bericht van onderaf kan inkorten zonder dat de kern verloren gaat.

De eerste alinea bevat de kern. De tweede alinea geeft context of een toelichting. Daarna volgen achtergronden, citaten en aanvullende informatie. Wat onderaan staat, is het minst belangrijk. Schrijf dus nooit een opbouw waarbij de lezer aan het eind pas begrijpt waar het over gaat.

Structuur en opmaak van je persbericht

Gebruik een vaste, herkenbare opbouw. Dat maakt het voor redacties makkelijk om snel te scannen wat er staat.

  • Kop: prikkelend en nieuwsgericht, maximaal één regel. Schrijf het als een krantenkop.
  • Introtekst (lead): één alinea met de vijf W’s.
  • Broodtekst: uitwerking in alinea’s, van belangrijk naar minder belangrijk.
  • Citaat: een quote van een woordvoerder of betrokkene. Zorg dat het citaat iets toevoegt en niet alleen herhaalt wat al in de tekst staat.
  • Noot voor de redactie: contactgegevens, een korte beschrijving van de organisatie en eventuele hoge resolutie foto’s of bijlagen. Deze sectie is niet bedoeld voor publicatie.

Zet bovenaan het bericht altijd duidelijk of het om een persbericht gaat en voor welke datum het vrijgegeven is. Gebruik je een embargo, vermeld dan exact tot wanneer.

Lengte en schrijfstijl

Een persbericht is geen essay. Houd het kort: één tot twee pagina’s A4, wat neerkomt op ruwweg 300 tot 500 woorden. Redacties lezen snel en ongeduldig. Als je bericht langer is, schrappen ze of gooien ze het weg.

Schrijf in de derde persoon en in actieve zinnen. Dus niet “Er wordt door de gemeente bekendgemaakt dat…”, maar “De gemeente kondigt aan dat…”. Vermijd jargon, afkortingen zonder uitleg en superlatieven zoals “baanbrekend” of “uniek”. Een redacteur prikt daar doorheen en het ondermijnt je geloofwaardigheid.

Citaten zijn wel de uitzondering: daarin mag de toon persoonlijker zijn. Maar ook daar geldt: het citaat moet echt iets zeggen, geen PR-taal.

Veelgemaakte fouten bij persberichten

De meest gemaakte fout is dat een persbericht meer op reclame lijkt dan op nieuws. Zodra een redacteur het gevoel krijgt dat je hen iets probeert te verkopen, belandt het bericht in de prullenbak. Hou de toon feitelijk en objectief, ook als je positief nieuws brengt.

Een tweede valkuil is een te brede doelgroep. Stuur je persbericht naar de juiste redacties en journalisten. Een lokaal persbericht over een buurtbijeenkomst stuur je naar de regionale krant, niet naar een landelijk medium. Hoe relevanter de ontvanger, hoe groter de kans op publicatie.

Tot slot: controleer altijd je feiten, namen en contactgegevens voor je verstuurt. Eén fout, of een telefoonnummer dat niet klopt, is genoeg om onprofessioneel over te komen.

Een sterk persbericht schrijven kost oefening, maar als je de structuur eenmaal onder de knie hebt, gaat het snel. Houd het nieuwsgericht, zet de kern bovenaan, schrijf kort en feitelijk, en zorg dat een redacteur je direct kan bereiken voor vragen. Daarmee geef je elk bericht de beste kans op publicatie.