Hoe schrijf je ‘padellen’? De juiste spelling uitgelegd

Het werkwoord dat je gebruikt als je de sport padel beoefent, schrijf je als padellen. Dat is de officieel correcte Nederlandse spelling. Je voegt aan het zelfstandig naamwoord ‘padel’ de uitgang -en toe, wat leidt tot ‘padellen’. De klemtoon valt op de tweede lettergreep: pa-del-len.

Hoe schrijf je padellen in een zin?

Bij het vervoegen van ‘padellen’ volg je de standaard regels voor werkwoorden met een dubbele medeklinker in de stam. De stam van het werkwoord is padel. Hieronder zie je de meest gebruikte vormen:

  • Infinitief: padellen (ik wil gaan padellen)
  • Tegenwoordige tijd, ik: ik padel
  • Tegenwoordige tijd, jij/hij/zij: jij padelt, hij padelt
  • Verleden tijd: ik padelde, wij padelden
  • Voltooid deelwoord: gepadeld (ik heb gepadeld)

Let op het voltooid deelwoord: dat is gepadeld, niet ‘gepaddeld’ of ‘gepadellen’. De dubbele l van ‘padellen’ verdwijnt zodra de stam zelfstandig staat, net als bij andere werkwoorden die eindigen op een enkele medeklinker in de stam.

Veelgemaakte spelfouten bij padellen

De meest voorkomende fout is ‘paddelen’ of ‘paddellen’, met een dubbele d. Dat is begrijpelijk: het woord doet denken aan ‘paddeln’ (Duits) of ‘paddling’ (Engels). Toch schrijf je het in het Nederlands met één d: padellen. De sport heet ‘padel’, en dat is ook het vertrekpunt voor het werkwoord.

Een andere veelgemaakte fout is ‘padelen’ met één l. Dat klinkt logisch als je denkt aan woorden als ‘fietsen’ of ’tennissen’, maar bij ‘padellen’ hoort wel degelijk een dubbele l. Die dubbele l is nodig om de korte e-klank in de stam te bewaren: pa-del. Schrijf je één l, dan zou de klank veranderen richting een lange klinker, wat niet klopt.

De uitspraak als houvast

Als je twijfelt over de spelling, helpt de uitspraak. De klemtoon ligt op ‘del’, met een korte e-klank: pa-del. Bij een korte beklemtoonde klinker gevolgd door een medeklinker geldt in het Nederlands de regel dat die medeklinker verdubbeld wordt zodra er een klinker op volgt. Vandaar: pa-del + -en = pa-del-len, dus padellen. Hetzelfde principe zie je bij woorden als ‘rennen’ (ren + en), ‘spellen’ (spel + en) en ‘ballen’ (bal + en).

Onthoud simpelweg: één d, twee l‘s. Dat is de snelste manier om de spelling van padellen correct te onthouden. Controleer je tekst met een spellingchecker als je twijfelt, want de meeste moderne spellingcheckers herkennen ‘padellen’ inmiddels als een correct Nederlands woord.